donderdag 21 maart 2019


Vrijwilligers..... een heel apart soort mensen

Te Werve is al zeker twee eeuwen een "buiten": een aangename plek om te wonen. Het hele jaar of een deel ervan. Wat het nooit was: een terrein waaraan goed te verdienen viel. Vroegere eigenaren hadden dan ook inkomsten uit werkzaamheden elders. Ze waren betrokken bij het landsbestuur in het nabijgelegen Den Haag. Of ze kochten land bij om te verpachten. Begin twintigste eeuw verdiende eigenaar Abel Labouchere zijn geld als directeur van een fabriek voor Delfts Blauw. Om extra inkomsten te verkrijgen kocht hij landerijen aan om te verpachten en verkocht hij grote partijen zand. Zo is de Put ontstaan. Bij de Shell kwam het geld voor Te Werve natuurlijk uit de olie.

Tijden veranderen
In de huidige situatie zijn de gebouwen te exploiteren door ze te verhuren voor conferenties, huwelijksfeesten en dergelijke. Dan nog blijft 25 hectare groen als grote kostenpost over. Dát gat wordt opgevuld door de vrijwilligers en door het Rijk. Voor rijksmonumenten (Te Werve kent er niet minder dan tien) is regelmatig subsidie beschikbaar. Geld dat wordt gebruikt voor restauratie van bijvoorbeeld de Poortbrug, de Oranjerie en groot onderhoud van het terrein. Al het andere gebeurt door vrijwilligers. En dat "andere" is niet gering: toenmalig eigenaar baron Van Pallandt had niet minder dan 12 man in vaste dienst, alleen al voor het park en de tuinen!
Onze coördinator Kees Kort leidt een team van tientallen vrijwilligers: mensen uit de omgeving die de natuur en het cultuurhistorisch landschap koesteren en deze unieke prachtige groene oase midden in het stedelijk gebied in stand én in ere houden. Sommigen werken een dagdeel per maand, anderen twee dagdelen per week. En alles wat daar tussen zit. Er zijn er die specifieke klussen uitvoeren, zoals het grote zaagwerk van woudreuzen of juist het fijne handwerk in de bostuin. Anderen kun je nu eens hier en morgen weer dáár op het terrein vinden. De één is onlangs de dertig gepasseerd, de ander is nét even een halve eeuw ouder. Er loopt een goudsmid rond, maar ook een gepromoveerd geoloog die alles weet van olieboringen aan de andere kant van de wereld. De wiskundige werkt met de man die tientallen jaren lang als directeur in zijn fabriek de mooiste houten deuren en ramen maakte. De ervaren ijzervlechter staat naast de HTM-er. Kortom: kwaliteit genoeg voor een hele wereldregering, maar nu even druk bezig met ons eigen Te Werve.

Zonder koffie geen begin
Elke dag begint met een kop koffie of thee en afspraken over het werk. Na afloop van het zagen en schoffelen nemen we de resultaten door. Als we tijd over hebben bedenken we nog oplossingen voor de problemen in de economie, op de huizenmarkt, in het onderwijs, met het klimaat, de inflatie, de internationale handel en wat ons nog meer te binnen schiet. Kortom: nog nooit is een vrijwilliger naar huis gegaan zonder brede glimlach op zijn gezicht.....

MvL 10-3-2019


maandag 4 maart 2019

DE START VAN EEN APPELTAART

Wie lust 'm niet: de appeltaart? Wie eet 'm niet, die "gezonde taart"? Haastige zoetekauwen onder ons slaan 'm snel en gevoelloos in bij de bakker of in de supermarkt. Wij - de vrijwilligers van de Vrienden van Te Werve - weten wel beter: een appeltaart vraagt voorbereiding, toewijding en zorg. Dat begint met het planten van de appelboom. Op een mooi stuk grond in een rustige omgeving. 
Op 28 februari 2019, hebben we dat bijzondere moment mogen meemaken: Marieke heeft een fraaie Jonagold (Malus domestica Jonagold) geplant op de daarvoor geselecteerde plek in de boomgaard. 
De Jonagold is een kruising van een Golden Delicious en een Jonathan en heeft van beide de beste kwaliteiten: het lekkere van de Jonathan, de houdbaarheid van de Golden Delicious. Kijk, dat is de goeie start. Nu doorgaan...... 

 

Bloem, suiker en boter zijn altijd wel in voldoende mate aanwezig. Dat levert geen problemen op. Veel belangrijker is het recept. De appeltaart is waanzinnig populair. Wie op internet zoekt vindt binnen de kortste keren ruim twee miljoen hits. Dan is het kiezen van het beste recept knap lastig. Talloze sites roemen oma's recept. Daar is voor ons natuurlijk geen beginnen aan: wiens oma? Alsof wij allemaal dezelfde oma hebben! Zo worden we niet wijzer. Hoeft ook niet: wij weten dat de koks van het landhuis uitstekend op hun taak zijn voorbereid. 
Voorlopig wachten we rustig op het uitlopen van het appelboompje. Dat gaat nog even duren, dat realiseren we ons. Maar het moment, dat unieke-water-in-je-mond-moment, die zoete maar ook een heel klein beetje zure belevenis, dat gáát een keer komen. Zeker weten. Hulde aan Marieke!                

MvL 28-2-2019

donderdag 21 februari 2019

Blote beelden in het bos?
Wie kent ze niet? Die twee op het gazon bij de slotgracht. Prachtige beelden, van een man en een vrouw. Wie zijn het? Op wie lijken ze? Wat hebben ze te maken met Te Werve? Hebben ze het niet erg koud? Er mag dan een dun zonnetje schijnen, dik gekleed zijn ze bepaald niet! 
Zoals altijd is Kees Kort de vraagbaak voor alles wat met Te Werve heeft te maken. Uit zijn feilloze geheugen werd binnen de kortste keren de term "tachtiger jaren" opgediept. Maar dan, hoe verder? Op dat moment bleek dat Kees meer dan vijftig jaar lang in de avonduren een overzicht heeft bijgehouden van alle artikelen die zijn gepubliceerd in het nieuwsblad uit de Shell-tijd. En zo werd binnen vijf minuten een artikel over de aanbieding van de beelden opgediept uit dik drie meter archief. Jaargang 1982, nummer 27. Dáár staan de antwoorden in. Kees, onze eigen browser! Snel, betrouwbaar en niet te hacken.
         
Niks spannends
Eigenlijk is er niet zoveel spannends te melden. Een oud-medewerker van de Shell, de heer J.J. van Rees, heeft ze gemaakt in de periode 1940-1945. Een knap staaltje werk! Toen de heer Van Rees in 1951 overleed was zijn dochter erfgename. Zij en haar man woonden als de familie Klok-van Rees in Heeemstede. In hun tuin kregen de beelden een vaste plek. Toen het echtpaar ging verhuizen naar een appartement moest er een oplossing worden gevonden voor de beelden. Omdat haar vader altijd had gevonden dat de beelden een plek in een park verdienden nam zij contact op met Te Werve, die het geschenk graag in ontvangst wilde nemen. We schrijven 24 juni 1982.

Een kado krijgen is één ding, het uitpakken is nog heel wat anders! Want er moest wel een flinke kraanwagen aan te pas komen om de beelden uit de tuin in Heemstede te halen en stevig neer te zetten op de zachte grond van het gazon naast de slotgracht. En daar staan ze dan, onbeweeglijk , al ruim vijfendertig jaar.

Toch vreemd, tienduizenden mensen hebben de beelden inmiddels gezien. Maar nooit hebben ze een naam gekregen. Heeft iemand een goeie suggestie.





woensdag 13 februari 2019

Oude eik bij slotgracht Landgoed Te Werve omgezaagd

Tja, er was geen houden meer aan.  De oude eik bij de slotgracht was al lang dood. Het afbreken van takken of zelfs van een deel van de stam leverde teveel gevaar op.  Omzagen dus.  Maar ja, in welke richting moest ie gaan vallen om andere bomen en het bruggetje niet te beschadigen? Uiteindelijk is ervoor gekozen de boom in de slotgracht te laten landen. Met precisie is ie terecht gekomen op de uitgekozen plek. We schrijven maandag 11 februari 2019.



De Oude Eik


                                                                     

De oude eik, hij is niet meer;
op maandagochtend omgelegd.
Niet onverwacht, het móest een keer;
Kees had het al gezegd.

De zaagploeg heeft z'n werk gedaan
met touwen, lint en kettingzaag.
We hebben er omheen gestaan, 
het geeft me knopen in m'n maag.

Een oude eik, wat is ie waard?
Al ben je nog zo mooi, zo sterk, 
je eindigt meestal in de open haard.

Mvl 11-2-2019

3,767358 Meter: niks meer, niks minder

Jarenlang stond ie in de botenloods, gewoon tussen de harken en de schoffels. Eenzaam, kaarsrecht, maar onopgemerkt: de Rijnlandse Roede. Een meetlat uit de oude doos. Inmiddels heeft ie een fraaie plek gekregen in het Te Werve museum: de uitstalling van uitzonderlijke én potsierlijke vondsten in de museumgalerie van het Koetshuis.

Vandaag de dag werken we met meters, centimeters, millimeters. Maar dat metrieke stelsel dateert van 1816. Vóór die tijd werd gemeten met de roede. Die was al veel ouder, maar werd in 1808 door de koning vastgelegd als maatstaf. De koning? Ja, Lodewijk Napoleon Bonaparte, Koning van Holland, de broer van dé Napoleon. Die was in ons land de echte baas. De Rijnlandse roede gold voor het departement Maasland, een Franse naam voor het gebied dat nu Zuid-Holland is. Maar de Rijnlandse was niet de enige roede: er was een Gooise roede, een Groningse, een Puttense, een Hondsbosse en Rijpse, een Amsterdamse en ga zo maar door. Ook in België waren er roedes; Nederland en België werden immers pas in 1830 gescheiden.



Grote voeten

De lengte van al die roedes verschilt. De Rijnlandse, zoals die van Te Werve, is 3,767358 meter lang, een flinke lat. De Amsterdamse meet 3,68 meter. Die van Putten 4,056 meter. Roedes zijn onderverdeeld in "voeten", meestal 12, soms 13 of 14. 



Het naamplaatje van de Haagse fabrikant M.J. Spruyt & Zonen op de Rijnlandse Roede

Die van ons telt 12 voeten. Als je die voeten uit de verschillende gebieden met elkaar vergelijkt, dan blijkt dat wij flinke voeten hadden: 31,39 cm. Amsterdammers bijvoorbeeld hadden voetjes van 28,3 cm, in Den Bosch hadden ze niet veel grotere: 28,75 cm.  

Lastig, al die verschillende maten. In 1937 werd de roede dan ook helemaal afgeschaft. 


Helemaal afgeschaft?

In héél Nederland afgeschaft? Nee, een kleine nederzetting bleef moedig weerstand bieden: Te Werve. Toen Kees Kort daar in 1942 werd aangenomen als tuinjongen voor de moestuin werden sla, aardappels, boontjes en bietjes keurig in rijen geplant, afgemeten met de Rijnlandse meetlat. De opbrengst van de tuin was bedoeld voor het hoofdbestuur van Te Werve. Maar óók het tuinpersoneel had ieder een eigen stukje grond, in de buurt van het tweede hockeyveld of bij de tennisbanen. Dat gaf in de oorlog een gezonde en welkome aanvulling op het dieet. En een lekker rokertje: want op Te Werve werd ook tabak geteeld. De grote bladeren werden eerst te drogen gehangen op de zolder van de Oranjerie en later elders versneden. Eigen teelt; zelfs onze Kees kon daaraan geen weerstand bieden! 
Na de oorlog werden de tuintjes overbodig. De Rijnlandse roede werd opgeborgen in een hoekje van de Duiventoren. Gelukkig werd ie daar in later jaren vóór de opruimwoede ontdekt en tussen het gereedschap in de botenloods geplaatst. Nu hangt ie - als het verreweg langste museumstuk - veilig in ons museum!

     

Mvl 7-2-2019

maandag 4 februari 2019

WEGWIJS

Wie 100 jaar of ouder is herinnert zich misschien nog de buitenplaats Te Werve zoals die was vóórdat de Bataafse Petroleum Maatschappij - nu Shell - het terrein kocht. Dat is immers 97 jaar geleden. Om je dit soort dingen te kunnen herinneren moet je toch wel minstens drie jaar oud zijn geweest. Alle anderen kennen het gebied dus uit de Shell tijd. Toen moest je met je kaart langs de portier bij het voetbalveld en de sintelbaan het terrein op.  Ging je direct naar rechts en aan het eind links, dan kwam je langs het tweede hockeyveld, het basketbalveld en bij het zwembad. En dan was er nog het volleybalveld, de tennismuur en -banen en wat al niet.  Allemaal sportterreinen.  Dat is inmiddels vergane glorie. En daarmee zijn veel oude namen van vóór de sport-tijd weer teruggekomen. En hele nieuwe namen ontstaan.


Even rondleiden?

Ik zal u een korte rondleiding geven. Wie bij de poortbrug binnenkomt ziet links de Drielindenweide. Verder lopen en naar links over het Laantje van Kort; kijk je daar naar rechts dan zie je tussen de bomen door de Geitenwei. We keren om, lopen terug voorbij het Botenhuis door de opening in de tuinmuur, waar rechts de Oranjerie in restauratie al staat te pronken. Even langs de Engelse tuin en de Boomgaard. We slaan de Seringenberg en de Vrijersheuvel over om voor het meer langs te gaan. Iets verder, ja dat is de Duiventoren op het Plein. Even verder naar rechts langs de Kippentuin. Ga de Serpentinegracht over en langs de Rozentuin; vergeet het Pad van Labouchere en loop langs De Laagte - niet Het Zicht op gaan!  -naar het Oude Beuken-Eikenbos, de Bostuin, het Jonge Beuken-Eikenbos en het Eikenbos naar de Vlinderwei. Dan is het verder simpel: via de Laan van Bode, langs Kuwait en de Kleine Biesbos over De Dijk. Steek het Sluisje over en ga rechtdoor. Plots staat u bij het Paviljoen. Nee? Staat u heel ergens anders? Tja, dan bent u flink verdwaald. Jaap de Portier bellen lukt niet meer; die is allang vertrokken. 
Ons advies: blijf rustig staan. Maandagochtend vinden de vrijwilligers u ongetwijfeld! Een warme kop koffie van Kees brengt u weer op de been. 

MvL

2-2-2019

woensdag 23 januari 2019

TE WERVE OP DE SCHAATS; KEN ’T WEL… OF KEN 'T NIET?

Als de buitentemperatuur daalt stijgt in ons land de schaatskoorts. Zo gaat dat nou eenmaal. Geen wonder dat bij de eerste sneeuw de nervositeit al toeneemt, óók op Te Werve. Hebben wij immers niet een prachtig meer om dicht te vriezen? Onder de vrijwilligers zijn talloze cracks die geoefend en wel met strak geslepen schaatsen op scherp staan vanaf de eerste nachtvorst. Enne... u weet toch wel van de glisser: de schaats gemaakt van een paardenbot? Opgedoken bij het graven van de Put. Lees meer over een groots verleden maar .... een magere toekomst van het schaatsen op ons landgoed.


In de archieven van Te Werve zijn de foto's nog te vinden: schaatsen in de winter van 1946-1947. De koudste winter in ruim tweehonderd jaar. Kouder nog dan de legendarische winter van 1962-1963, u weet wel, die van Reinier Paping. Het staat Kees Kort nog in het geheugen gegrift. Hij was in 1946 al in dienst van de Shell en moest samen met de tuinlieden meehelpen om de schaatsbaan te vegen en de scheuren te dichten: "Dat deden we met een pannetje heet water. Dan smolt het ijs een beetje en kon je het weer glad laten dichtvriezen". Als het meer bevroren was waren álle Rijswijkers welkom, ook al werkten ze niet bij de oliereus.


Bij het portiershuisje kon je aan het loket een kaartje kopen. Wim en Piet Holtkamp, oom en vader van de ons bekende vrijwilligers en Jos Bentvelsen slepen er schaatsen en verkochten koek en zopie.

Als het ijs te dun was gaf een handbeschreven schoolbord bij het water aan dat het schaatsen ten strengste verboden was. Wee je gebeente als je je dan nog op het ijs waagde! Dan werd je Te Werve-kaart ingenomen! Voor zeker een hele week. Er gaat nog een siddering door Willem Smith - als jonge jongen vaste bezoeker van Te Werve en nu trouwe vrijwilliger - als ie daaraan terug denkt. Hij leerde in de winter van 1962/1963 schaatsen op het meer; achter een grote zware stoel om zich overeind te houden.


Oude Schaats

De bijzondere relatie tussen Te Werve en het schaatsen blijkt ook uit de vondst van een schaats, gemaakt van een paardenbot, een zogenaamde glisser, een "glijer". Die werd gevonden bij het graven van het meer in 1910. Toen dook ie op tussen het zand dat naar boven werd gehaald. De familie Labouchere heeft 'm goed bewaard. Later hebben zij de schaats geschonken aan Te Werve, die hem in bruikleen heeft overgedragen aan Museum Rijswijk. Daar is ie netjes opgeborgen. Volgens de Rijswijkse archeoloog is er ooit slechts één ouder voorwerp in Rijswijk gevonden. 
(Oh ja, het is maar een enkele schaats; mocht u ooit de andere vinden, dan meldt u zich toch wel?)

De glisser van Te Werve (foto: Museum Rijswijk) 

Schaatsen op de "mooiste IJsbaan van ‘s-Gravenhage en omstreken" (aldus Jan Eijken en Willem van der Ende in hun boek Het Meer van Te Werve. Honderd jaar water in De Put uit 2011) was natuurlijk pas mogelijk na 1910. Hele strenge winters waren er in 1929, 1946/47 en in 1962/63, minder koude in de jaren vijftig. Waarschijnlijk is in 1963 voor het laatst op het meer geschaatst. Tja.... komen die tijden ooit nog terug? 

MvL 22-1-19