woensdag 11 augustus 2021

 

DIEPER DAN HET IJSSELMEER?

Het Meer van Te Werve, de Put: bekend in heel Rijswijk. Het bestaat al langer dan een eeuw, een grote, indrukwekkende plas. De omvang kun je met eigen ogen waarnemen. Maar hoe diep is het eigenlijk?

We pakken de papieren erbij. Abel Labouchere heeft als eigenaar van het terrein toestemming gevraagd om het meer te graven. Het is dus een kunstmatig aangelegd meer.

De vergunning werd in 1909 verleend: het Meer mocht maximaal 7,40 meter diep worden, met een helling van 1:3. Dus per 3 meter 1 meter dieper. Het jaar daarop werd er begonnen met het werk. Er kwam een verplaatsbaar railsysteem vanaf het gazon voor het landhuis, tot de dijk aan de overkant. Daarop reed een treintje met een wagon om het zand af te voeren. Pal daarachter kwam een “IJzeren Man” te staan: een graafmachine die vanaf het maaiveld het zand afgroef en in de wagon stortte. Eerst de ene helft van wat het Meer zou worden, toen de andere helft. Als laatste is het dammetje afgegraven waarop de rails lag. Zand weg, treintje weg, rails weg, sluis open en klaar was Abel! Het treintje ligt dus niet op de bodem, dat was toen al nepnieuws. Het zand werd gebruikt om het Laakkwartier op te hogen.

In 1956 is er opnieuw zand uit de grond gehaald. Dat mocht tot een diepte van 13,30 meter Delfland Peil en het ging om 50.000 m3 zand. Dat werd geen succes: er is te steil op de kant gegraven, waardoor de oever ging verzakken. Daarom is er in 1975, maar ook nog in de periode 1981-1985 puin gestort aan de kant van de dijk (naast de Generaal Spoorlaan). Dat puin is nog altijd goed zicht- en voelbaar voor wie daar loopt. (En voor de vrijwilliger die er een wandelroutepaaltje in de grond probeert te krijgen!)

Om uit te zoeken hoe diep het Meer na die zandafgravingen was hebben tuinbaas Kees Kort en geoloog Chris Gutjahr – beiden hartstochtelijke vrijwilligers tot het einde – in 1990 niet minder dan 2650 metingen verricht: met een bootje het hele meer op en rondgevaren om dieptemetingen te doen. Een eindeloze klus. Alle metingen zijn zorgvuldig genoteerd. Het diepste punt bleek 8,74 meter te zijn. Kort en Gutjahr hebben met die gegevens een tekening gemaakt met dieptelijnen.

 



Een diepste punt van 8,74 meter. Dat is erg diep. De gemiddelde diepte van het IJsselmeer is 4,40 meter, het diepste punt daar 9,50 meter. Hoeveel schepen zijn daar niet vergaan? Reden genoeg om toch nog eens een “Ballade van het Meer” te componeren, waar in de verte de Toren van het Landhuis lonkt (refrein).

Maar goed, de metingen zijn ruim 30 jaar oud, de bodem kan intussen best wat vlakker zijn geworden. Opvallend – voor wie de dieptelijnen bekijkt - is immers hoe steil de bodem afloopt. Op basis van de dieptelijnen is een dwarsdoorsnede getekend van het Meer. Van zo’n 20 meter ten westen van de witte brug aan de overkant van het Meer, tot de oever recht voor het Landhuis (langs de lijn van bovenstaande tekening). Dat ziet er als volgt uit:

 


Er is dus – in twee fasen - enorm veel zand weggehaald. Dat zand was er gekomen omdat het gebied ten zuiden van het landgoed zich - vanaf ongeveer 4500 jaar geleden - door zeedoorbraken ontwikkelde van laagveenmoeras tot waddengebied met veel zandstroken. Juist dat bood Labouchere veel en veel later de kans een paar emmertjes zand te scheppen en er een prachtig meer aan te leggen. Stille wateren, diepe gronden, moet hij toen al hebben gedacht.

MvL 08082021

Zie ook: Jan van Eijken en Willem van der Ende, Het Meer van Te Werve. Stichting Rijswijkse Historische Projecten

 

donderdag 15 juli 2021

DE WERELDREIS VAN DE VIERDE KLOK

Er was eens…… tja, het is haast een sprookje: naast de elektronica die we nu hebben voor de communicatie – whatsapp, telefoon, beeldschermen - bestaat er ook nog een eeuwenoud systeem: de luidklok. Alle uren van de dag geven klokken op kerken en stadhuizen aan dat er weer een uur voorbij is. Een oud systeem, maar reuze effectief als je over een groot gebied iedereen tegelijk wil informeren. Geluid met een duidelijke betekenis. En vaak ook met een bepaald gevoel: gezellig, vertrouwd. 

Voor Te Werve met zijn 26 hectare is de klok om die reden vanouds een prima instrument geweest gedurende de zeer lange historie. Zo is er aan het landhuis de grote klok om de rondkuierende landheer te melden dat zijn “weledel bezoek” is gearriveerd. Aan diezelfde muur hangt een kleiner klokje: “personeel van het landhuis moet direct aan de bak”. En bovenop het dak van het koetshuis de derde klok: “vuur te pot”, eten


stijd voor de werklieden. Alle drie klokken zijn er nog steeds, hangen nog altijd op hun eigen stek en doen het echt als je er een slinger aan geeft. Dat laatste gebeurt helaas niet meer.

Maar er was nog een vierde klok. Die was eigendom van de atletiekvereniging van Te Werve en stond langs de sintelbaan. Die klok – al werd ie in dit geval de bel genoemd – gaf zo’n 75 jaar lang aan dat de laatste ronde inging. Iedereen die ooit een wedstrijd liep op Te Werve en alle bezoekers van die wedstrijden (dat waren er soms duizenden in een weekend!) heeft die bel voor de laatste ronde gehoord. Die klok is verdwenen maar niet weg. Hij wordt nog dagelijks gebruikt in ……. Kweikuma. Ja, ver weg in Ghana hangt de vierde klok. Hij doet dienst als schoolbel voor St. Ann’s Institute, de lokale meisjesschool op 5.300 km van hier.

Een heel verhaal, maar we houden het kort. In de Shell-tijd werden op Te Werve allerlei sportvoorzieningen aangelegd (en weer netjes opgeruimd toen Shell vertrok). Zo ook de sintelbaan. Een klus die door vrijwilligers van de atletiekvereniging werd geklaard. Een professionele baan van grote kwaliteit. De Nederlandse teams oefenden er voordat ze naar de Olympische spelen gingen. Voor elke wedstrijd werd een zwaar houten blok in een speciale opening langs de baan geplaatst. Daaraan werd de klok gehangen. Toen Shell vertrok werd voor al die spullen een nieuwe bestemming gezocht. Voor de bel wist Kees Kort wel een oplossing: hij kende een pater die in Ghana betrokken was bij een beroepsopleiding voor meisjes. Dáár konden ze zo’n mooie bronzen bel goed gebruiken als schoolbel. Met de hulp van sponsors werd de klok naar Ghana vervoerd. Op 17 januari 2001 vertrok Kees met nog enkele betrokkenen naar Kweikuma om daar de nieuwe schoolbel op donderdag 25 januari feestelijk en vooral plechtig te overhandigen.

In een uitvoerig getypt verslag heeft Kees van die reis verslag gedaan. Hij beschrijft de school waar 232 leerlingen les kregen in huishoudkunde, hygiëne, naaien, administratie, typen, computer, economie en handel. De sfeer wordt meteen duidelijk als hij de geluiden in de omgeving beschrijft: de kerkdienst waar wel 500 mensen hard en enthousiast zingen, veel te hard naar zijn smaak. Veel te vroeg naar zijn zin werd ie wakker van de klokken van de kerk en de oproep vanaf de moskee. Maar dan, op 25 januari, is er het plechtige moment van de overdracht van de klok. Het schoolhoofd houdt een toespraak, er wordt gebeden, meisjes kwamen zingend zij-aan-zij in een rij aanlopen en dan wordt de bel gezegend door pater Francis. Had de klok ooit ergens een betere plek kunnen krijgen?

 

MvL14072021   Fotograaf onbekend


donderdag 24 juni 2021

 

POLITIEK THEATER OP TE WERVE: DOOI IN DE KOUDE OORLOG

Te Werve is een bijzondere plek, dat mag zonder voorbehoud worden gezegd.

Want waar wordt zó vaak het Ja-woord uitgesproken en elkaar de liefde verklaard?

Waar vind je zó’n koele groene oase in een zwaar verstedelijkt gebied? Maar in het ruim 750-jarig bestaan van Te Werve is er ook op politiek gebied het één en ander gebeurd dat invloed heeft gehad op loop van de geschiedenis.

In 1945 was de Tweede Wereldoorlog tot een einde gekomen. Maar daarmee was de rust zeker nog niet weergekeerd. Van een hete oorlog ging de wereld zonder onderbreking over in de Koude Oorlog. Waar partijen eerst gezamenlijk optrokken ontstond een stevige scheuring tussen Amerika en Rusland; een strijd die de wereld verdeelde in twee kampen.

Die strijd – dit keer gelukkig zonder direct gebruik van wapens – verhevigde elk jaar en kreeg vorm in een enorme wapenwedloop en opgewonden bedreigingen over en weer.

Gelukkig kwam ook het gezonde verstand af en toe bovendrijven. En zo kon het gebeuren dat de heer Kitaer, de Cultureel Attaché van Rusland, in 1955 een uitnodiging verstuurde aan de collega-diplomaten van de Amerikaanse Ambassade in Den Haag om eens een partijtje volleybal met elkaar te spelen. En waar kon dat beter dan op …….. Te Werve. Daar immers waren tal van prachtige sportvelden in een kalmerende omgeving. 

Op vrijdagmiddag 19 augustus 1955 vond het sportieve treffen plaats. Een uitzonderlijk gebeuren natuurlijk: mensen die elkaar dagelijks bespioneerden stonden elkaar nu aan te kijken op het volleybalveld om na afloop samen een potje bier te drinken. De Russen in korte broek, de Amerikanen - op een enkeling na - in lange broek, zó vanachter het stalen bureau weggeplukt lijkt het wel. Sportief geknokt werd er wel. De Russen wonnen met 2-1. Maar ja, de uitslag is hier niet interessant. Hier werd een toenaderingspoging gedaan tussen twee grootmachten. Een poging om de spanningen in de wereld te verminderen. Dezelfde dag hadden de Russen ook nog eens acht Nederlanders uit krijgsgevangenschap ontslagen.

Natuurlijk was de belangstelling van de pers overweldigend. Flitsen van de wedstrijd werden in het televisiejournaal getoond. Dagblad De Tijd schreef erover, het Algemeen Dagblad, Het Vrije Volk, Het Binnenhof, de Leeuwarder Courant, de Maasbode, de Arnhemsche Courant, het Algemeen Handelsblad, Het Vaderland, de Heerenveensche Koerier, het Nieuwsblad van het Zuiden, het Nieuwsblad van het Noorden, de Provinciale Drentsche en Asser Courant, de Nieuwe Tilburgsche Courant, zelfs het Nieuwsblad voor Sumatra! (Waar zijn al die kranten gebleven?)


De Telegraaf noteerde dat Te Werve op 19 augustus: “het land van de glimlach” was. De Volkskrant berichtte op 20 augustus vanuit het publiek dat hier: “ruim twee en een halve eeuw na de beslechting van de Negenjarige Oorlog tussen Nederland, Frankrijk, Spanje en Engeland gesproken mocht worden van een tweede ‘Vrede van Rijswijk’”. Het Parool noemde de gebeurtenis een “Verbroederingsfeest waarmee de Russen op het ogenblik de volken in de Westelijke landen trachten het hoofd op hol te brengen”. Ook De Telegraaf had een regeltje waaruit een duidelijk standpunt bleek: “Tussen de elegant geklede Amerikaansen zag ik slechts een enkele, degelijk geklede Russin”. Tja, het is maar waar je naar zoekt.

Een mooie wedstrijd, aan een tafeltje in het gras besloten met een borreltje waarbij de leiders van beide delegaties samen nog even wat dieper in het glas konden kijken.    

    

Mvl19062021. Fotograaf onbekend.

maandag 7 juni 2021

HAAG OF HEG? 

Eerst maar eens even zorgen voor flinke verwarring. Is het nu haag of heg? Het gaat in beide gevallen om een groep struiken. Die dicht bij elkaar zijn geplant. Mag het vrij groeien, dan spreek je van een heg. Wordt het in een strak keurslijf geknipt, dan noemen we dat een haag. Zo, dat is dat. Maar wat moet je dan met “Den Haag”? Hier betekent “Haag” een bos, dus helemaal geen struiken. ’s Gravenhage: het bos van de graaf. En hoe zit het met een heggenschaar: die is toch bedoeld voor het knippen van een haag? Nou ja, laat maar.

Op Te Werve hebben we heel wat metertjes heg. Het zijn mooie groene afscheidingen, bijvoorbeeld tussen de boomgaard en het gazon voor de Oranjerie en bij de parkeerplaats. Wie een beetje vroeg is kan er ’s ochtends vaak een konijn zien rondhuppelen of een merel zien scharrelen op de bodem. Vogels gebruiken de heg ook graag als plek om een nest te bouwen. Het aardige van een heg is dat ie met de seizoenen mee beweegt: kaal in de winter, groen in de zomer. Jaar in, jaar uit. Een heg blijft mooi als ie tijdig én vakkundig wordt gesnoeid. Dus geen golvende lijnen of wilde happen uit het groen. Eén van onze vrijwilligers heeft daar een getalenteerd oog voor: kaarsrecht horizontaal, loodrecht vertikaal.  

We prijzen ons gelukkig met zo’n vrijwilliger én met de prachtige heggenschaar: fonkelnieuw. Bekostigd met een voucher van de Groene Motor, het programma van de Provincie Zuid-Holland dat wordt uitgevoerd door het Zuid-Hollands Landschap. Een sterk maar licht apparaat, op accu, waaraan je je niet vertilt als je op hoogte moet knippen. Met dit apparaat hoeven we geen elektrische snoer meer achter ons aan te trekken. Het resultaat is navenant: een rechte heg zonder rugpijn.

Over zo’n heg en het onderhoud moeten we niet te licht denken! Hét land van de heggen en hagen is natuurlijk Engeland. Daar is het knippen en bewerken van heggen tot ware kunst verheven. Er is daar zelfs een National Hedgelaying Society, met niemand minder dan His Royal Highness The Prince of Wales als beschermheer. Zelf spreken ze van “the only charity dedicated to maintaining the traditional skills of hedgelaying and encouraging the sympathetic management of hedgerows for wildlife and landscape”. 

Ze concentreren zich vooral op een bepaalde techniek: het maken van een vlechtheg: een ondoordringbare barrière voor het vee. Daartoe worden de stammen van de heggen schuin ingekapt, omgebogen en in elkaar gevlochten. Paaltjes ertussen en de heg is potdicht.    

Nederland is niet achtergebleven! In 2012 is hier het Gilde van Heggenvlechters opgericht.       

De oprichters zijn er zelfs in geslaagd het heggenvlechten erkend en opgenomen te krijgen in het Register van Immaterieel Erfgoed: “Heggenvlechten is een ambacht waarbij vlechters bestaande heggen, meestal doornheggen, ondoordringbaar maken voor vee en wild. Heggenvlechten gebeurt in de winter, als de struiken vrij kaal zijn en gemakkelijk te bewerken. Vlechters dragen dikke kleren en hebben dikke werkhandschoenen aan. Voor hun werk gebruiken ze diverse soorten bijlen, hakmessen en takkenzagen. Eerst moet de heg schoongemaakt worden. Dood hout, afval en prikkeldraad moeten verwijderd worden. Daarna worden de takken van de struiken ingekapt. De tak mag niet doorgeslagen worden of afbreken, maar het inkappen moet wel zo diep gebeuren dat de tak plat neergelegd kan worden. De vlechter is dus vooral bezig met dit kappen, neerleggen en in elkaar vlechten van de takken. Er zijn in Nederland verschillende vlechtstijlen. De stijl wordt mede bepaald door de soorten struiken, het al dan niet gebruiken van vlechtmateriaal van elders, zoals wilgentenen, en het plaatsen van extra staken” (www.immaterieelerfgoed.nl).

Nou ja, zover gaan we niet op Te Werve. Maar de aandacht voor onze heggen is er zeker niet minder om. 


MvL010621



maandag 17 mei 2021

SNIP, SNAP, GESNIPPERD 

Alles wat groeit en bloeit……laat ook een keer het kopje hangen. Maar geen nood, er groeit weer iets nieuws voor in de plaats. Zeker weten. Zo gaat het al miljoenen jaren.

Die cyclus is zo’n groot succes dat het ons wel eens over de schoenen loopt: het groeit in zulk een enorm tempo dat het hele terrein zonder onderhoud binnen de kortste keren één groot onbegaanbaar oerwoud zou worden. Zeker, daar zijn liefhebbers genoeg voor, maar ons ideaal is het niet. Onderhoud is daarom onontkoombaar.

In de zomer zijn het de gazons en de struiken, maar in de winter en het voorjaar vragen de bomen alle aandacht. Bomen die dicht bij elkaar staan belemmeren elkaar in de groei als ze groter worden en nemen het zonlicht weg voor begroeiing op de bodem. Die bomen halen we daarom weg. Zware takken die bij storm kunnen afbreken moeten er ook aan geloven; geen risico’s voor onze bezoekers. Het dode en afgezaagde hout leggen we in het bos.


Maar ja, de natuur groeit harder dan de takken verteren. Brandstapels mogen al jaren niet meer. Dus overal in de bossen van Nederland zie je de stapels dood hout groeien. Goed voor de vogels, goed voor paddenstoelen. Op Te Werve vindt u op tal van plaatsen zulke “rillen” en halfverteerde boomstronken. Maar het houdt wel een keer op. We willen niet dat de bodem van ons terrein grotendeels bedekt wordt met dooie takken. Daarom laten we regelmatig een deel van het snoeihout afvoeren, of we gaan het zelf versnipperen.

Een deel van de snippers gebruiken we voor paden. De rest gaat het bos is. Houtsnippers verteren snel in het bos. Zo geelwit als ze zijn na het versnipperen, zo bruinzwart zijn ze al na een maand of drie. Binnen één tot twee jaar zijn ze helemaal verteerd: de draden van de schimmels gedijen er goed op. Insecten smikkelen mee bij dit afbraakproces. Dat lokt weer vogels naar het terrein, die maar al te graag een graantje – nou ja, een insectje - meepikken.

De snippers hebben nog een voordeel: ze houden vocht heel lang vast. Dat is niet verkeerd met hoogstwaarschijnlijk weer een warme droge zomer in aantocht.

Levert snoeihout dan geen geld op? Laten we u snel uit de droom helpen. Houtafval wordt inderdaad wel gebruikt als brandstof in industriële processen. Maar de kosten van transport van relatief kleine hoeveelheden staan in geen verhouding tot de opbrengst. Het laten afvoeren van ons snoeihout is echt een kostbare zaak. Daarom huren we eens in de zoveel jaar een paar dagen een versnipperaar. Een flinke groep vrijwilligers staat klaar om de hele dag door te snipperen, zodat de herrie zo kort mogelijk duurt en de huurkosten beperkt blijven. Snip-snap-gesnipperd!

 

Mvl 25-4-2021

maandag 3 mei 2021

Vernieuwd concept Pop-up restaurant Te Werve Buiten

De flextent in Rijswijk staat weer, de barcontainer is gevuld met lekkere dranken en de houtskool BBQ’s  worden weer opgestookt. Wij hebben er weer zin in en wij zijn er klaar voor om je te ontvangen in ons BBQ-restaurant. Het restaurant op Landgoed Te Werve is geopend van vrijdag tot en met zondag  vanaf 12.00 uur.




Wij hebben ons concept vernieuwd. Zowel voor de kleine trek als grote trek zijn er voldoende keuzes. Ons team serveert heerlijke streetfood gerechten vanaf €14,50, clubsandwich € 12,50 of Runderentrecôte van onze BBQ € 29,50. Maar je kan natuurlijk ook gewoon komen borrelen. Op onze site kan je reserveren en staat ook onze menu kaart. Je kan ook gewoon langskomen en vragen of we tafeltje beschikbaar hebben.

 


maandag 12 april 2021

 

DE KLEURENSTAALKAART VAN TE WERVE

Of de zon nu wel of niet schijnt (liever wel!), of het nu regent of niet (liever niet!), de dagen worden langer en dús steken planten de kopjes weer op. Struiken en bomen openen de knoppen van blad en bloem. Het voorjaar komt er aan, óók in coronatijd. Dat nieuwe begin gaat – net als bij de mode – gepaard met een staalkaart van de nieuwe seizoenskleuren.



En kies: het jonge groen? Of liever blauw, of wit. Geel doet het goed in het voorjaar. Met rood maak je een mooi statement! Bruin gevlamd kan natuurlijk ook. Kies maar, Te Werve biedt van alles aan! Kom kijken en keuren.                                                                                                                                               

 Mvl060421