donderdag 21 februari 2019

Blote beelden in het bos?
Wie kent ze niet? Die twee op het gazon bij de slotgracht. Prachtige beelden, van een man en een vrouw. Wie zijn het? Op wie lijken ze? Wat hebben ze te maken met Te Werve? Hebben ze het niet erg koud? Er mag dan een dun zonnetje schijnen, dik gekleed zijn ze bepaald niet! 
Zoals altijd is Kees Kort de vraagbaak voor alles wat met Te Werve heeft te maken. Uit zijn feilloze geheugen werd binnen de kortste keren de term "tachtiger jaren" opgediept. Maar dan, hoe verder? Op dat moment bleek dat Kees meer dan vijftig jaar lang in de avonduren een overzicht heeft bijgehouden van alle artikelen die zijn gepubliceerd in het nieuwsblad uit de Shell-tijd. En zo werd binnen vijf minuten een artikel over de aanbieding van de beelden opgediept uit dik drie meter archief. Jaargang 1982, nummer 27. Dáár staan de antwoorden in. Kees, onze eigen browser! Snel, betrouwbaar en niet te hacken.
         
Niks spannends
Eigenlijk is er niet zoveel spannends te melden. Een oud-medewerker van de Shell, de heer J.J. van Rees, heeft ze gemaakt in de periode 1940-1945. Een knap staaltje werk! Toen de heer Van Rees in 1951 overleed was zijn dochter erfgename. Zij en haar man woonden als de familie Klok-van Rees in Heeemstede. In hun tuin kregen de beelden een vaste plek. Toen het echtpaar ging verhuizen naar een appartement moest er een oplossing worden gevonden voor de beelden. Omdat haar vader altijd had gevonden dat de beelden een plek in een park verdienden nam zij contact op met Te Werve, die het geschenk graag in ontvangst wilde nemen. We schrijven 24 juni 1982.

Een kado krijgen is één ding, het uitpakken is nog heel wat anders! Want er moest wel een flinke kraanwagen aan te pas komen om de beelden uit de tuin in Heemstede te halen en stevig neer te zetten op de zachte grond van het gazon naast de slotgracht. En daar staan ze dan, onbeweeglijk , al ruim vijfendertig jaar.

Toch vreemd, tienduizenden mensen hebben de beelden inmiddels gezien. Maar nooit hebben ze een naam gekregen. Heeft iemand een goeie suggestie.





woensdag 13 februari 2019

Oude eik bij slotgracht Landgoed Te Werve omgezaagd

Tja, er was geen houden meer aan.  De oude eik bij de slotgracht was al lang dood. Het afbreken van takken of zelfs van een deel van de stam leverde teveel gevaar op.  Omzagen dus.  Maar ja, in welke richting moest ie gaan vallen om andere bomen en het bruggetje niet te beschadigen? Uiteindelijk is ervoor gekozen de boom in de slotgracht te laten landen. Met precisie is ie terecht gekomen op de uitgekozen plek. We schrijven maandag 11 februari 2019.



De Oude Eik


                                                                     

De oude eik, hij is niet meer;
op maandagochtend omgelegd.
Niet onverwacht, het móest een keer;
Kees had het al gezegd.

De zaagploeg heeft z'n werk gedaan
met touwen, lint en kettingzaag.
We hebben er omheen gestaan, 
het geeft me knopen in m'n maag.

Een oude eik, wat is ie waard?
Al ben je nog zo mooi, zo sterk, 
je eindigt meestal in de open haard.

Mvl 11-2-2019

3,767358 Meter: niks meer, niks minder

Jarenlang stond ie in de botenloods, gewoon tussen de harken en de schoffels. Eenzaam, kaarsrecht, maar onopgemerkt: de Rijnlandse Roede. Een meetlat uit de oude doos. Inmiddels heeft ie een fraaie plek gekregen in het Te Werve museum: de uitstalling van uitzonderlijke én potsierlijke vondsten in de museumgalerie van het Koetshuis.

Vandaag de dag werken we met meters, centimeters, millimeters. Maar dat metrieke stelsel dateert van 1816. Vóór die tijd werd gemeten met de roede. Die was al veel ouder, maar werd in 1808 door de koning vastgelegd als maatstaf. De koning? Ja, Lodewijk Napoleon Bonaparte, Koning van Holland, de broer van dé Napoleon. Die was in ons land de echte baas. De Rijnlandse roede gold voor het departement Maasland, een Franse naam voor het gebied dat nu Zuid-Holland is. Maar de Rijnlandse was niet de enige roede: er was een Gooise roede, een Groningse, een Puttense, een Hondsbosse en Rijpse, een Amsterdamse en ga zo maar door. Ook in België waren er roedes; Nederland en België werden immers pas in 1830 gescheiden.



Grote voeten

De lengte van al die roedes verschilt. De Rijnlandse, zoals die van Te Werve, is 3,767358 meter lang, een flinke lat. De Amsterdamse meet 3,68 meter. Die van Putten 4,056 meter. Roedes zijn onderverdeeld in "voeten", meestal 12, soms 13 of 14. 



Het naamplaatje van de Haagse fabrikant M.J. Spruyt & Zonen op de Rijnlandse Roede

Die van ons telt 12 voeten. Als je die voeten uit de verschillende gebieden met elkaar vergelijkt, dan blijkt dat wij flinke voeten hadden: 31,39 cm. Amsterdammers bijvoorbeeld hadden voetjes van 28,3 cm, in Den Bosch hadden ze niet veel grotere: 28,75 cm.  

Lastig, al die verschillende maten. In 1937 werd de roede dan ook helemaal afgeschaft. 


Helemaal afgeschaft?

In héél Nederland afgeschaft? Nee, een kleine nederzetting bleef moedig weerstand bieden: Te Werve. Toen Kees Kort daar in 1942 werd aangenomen als tuinjongen voor de moestuin werden sla, aardappels, boontjes en bietjes keurig in rijen geplant, afgemeten met de Rijnlandse meetlat. De opbrengst van de tuin was bedoeld voor het hoofdbestuur van Te Werve. Maar óók het tuinpersoneel had ieder een eigen stukje grond, in de buurt van het tweede hockeyveld of bij de tennisbanen. Dat gaf in de oorlog een gezonde en welkome aanvulling op het dieet. En een lekker rokertje: want op Te Werve werd ook tabak geteeld. De grote bladeren werden eerst te drogen gehangen op de zolder van de Oranjerie en later elders versneden. Eigen teelt; zelfs onze Kees kon daaraan geen weerstand bieden! 
Na de oorlog werden de tuintjes overbodig. De Rijnlandse roede werd opgeborgen in een hoekje van de Duiventoren. Gelukkig werd ie daar in later jaren vóór de opruimwoede ontdekt en tussen het gereedschap in de botenloods geplaatst. Nu hangt ie - als het verreweg langste museumstuk - veilig in ons museum!

     

Mvl 7-2-2019

maandag 4 februari 2019

WEGWIJS

Wie 100 jaar of ouder is herinnert zich misschien nog de buitenplaats Te Werve zoals die was vóórdat de Bataafse Petroleum Maatschappij - nu Shell - het terrein kocht. Dat is immers 97 jaar geleden. Om je dit soort dingen te kunnen herinneren moet je toch wel minstens drie jaar oud zijn geweest. Alle anderen kennen het gebied dus uit de Shell tijd. Toen moest je met je kaart langs de portier bij het voetbalveld en de sintelbaan het terrein op.  Ging je direct naar rechts en aan het eind links, dan kwam je langs het tweede hockeyveld, het basketbalveld en bij het zwembad. En dan was er nog het volleybalveld, de tennismuur en -banen en wat al niet.  Allemaal sportterreinen.  Dat is inmiddels vergane glorie. En daarmee zijn veel oude namen van vóór de sport-tijd weer teruggekomen. En hele nieuwe namen ontstaan.


Even rondleiden?

Ik zal u een korte rondleiding geven. Wie bij de poortbrug binnenkomt ziet links de Drielindenweide. Verder lopen en naar links over het Laantje van Kort; kijk je daar naar rechts dan zie je tussen de bomen door de Geitenwei. We keren om, lopen terug voorbij het Botenhuis door de opening in de tuinmuur, waar rechts de Oranjerie in restauratie al staat te pronken. Even langs de Engelse tuin en de Boomgaard. We slaan de Seringenberg en de Vrijersheuvel over om voor het meer langs te gaan. Iets verder, ja dat is de Duiventoren op het Plein. Even verder naar rechts langs de Kippentuin. Ga de Serpentinegracht over en langs de Rozentuin; vergeet het Pad van Labouchere en loop langs De Laagte - niet Het Zicht op gaan!  -naar het Oude Beuken-Eikenbos, de Bostuin, het Jonge Beuken-Eikenbos en het Eikenbos naar de Vlinderwei. Dan is het verder simpel: via de Laan van Bode, langs Kuwait en de Kleine Biesbos over De Dijk. Steek het Sluisje over en ga rechtdoor. Plots staat u bij het Paviljoen. Nee? Staat u heel ergens anders? Tja, dan bent u flink verdwaald. Jaap de Portier bellen lukt niet meer; die is allang vertrokken. 
Ons advies: blijf rustig staan. Maandagochtend vinden de vrijwilligers u ongetwijfeld! Een warme kop koffie van Kees brengt u weer op de been. 

MvL

2-2-2019

woensdag 23 januari 2019

TE WERVE OP DE SCHAATS; KEN ’T WEL… OF KEN 'T NIET?

Als de buitentemperatuur daalt stijgt in ons land de schaatskoorts. Zo gaat dat nou eenmaal. Geen wonder dat bij de eerste sneeuw de nervositeit al toeneemt, óók op Te Werve. Hebben wij immers niet een prachtig meer om dicht te vriezen? Onder de vrijwilligers zijn talloze cracks die geoefend en wel met strak geslepen schaatsen op scherp staan vanaf de eerste nachtvorst. Enne... u weet toch wel van de glisser: de schaats gemaakt van een paardenbot? Opgedoken bij het graven van de Put. Lees meer over een groots verleden maar .... een magere toekomst van het schaatsen op ons landgoed.


In de archieven van Te Werve zijn de foto's nog te vinden: schaatsen in de winter van 1946-1947. De koudste winter in ruim tweehonderd jaar. Kouder nog dan de legendarische winter van 1962-1963, u weet wel, die van Reinier Paping. Het staat Kees Kort nog in het geheugen gegrift. Hij was in 1946 al in dienst van de Shell en moest samen met de tuinlieden meehelpen om de schaatsbaan te vegen en de scheuren te dichten: "Dat deden we met een pannetje heet water. Dan smolt het ijs een beetje en kon je het weer glad laten dichtvriezen". Als het meer bevroren was waren álle Rijswijkers welkom, ook al werkten ze niet bij de oliereus.


Bij het portiershuisje kon je aan het loket een kaartje kopen. Wim en Piet Holtkamp, oom en vader van de ons bekende vrijwilligers en Jos Bentvelsen slepen er schaatsen en verkochten koek en zopie.

Als het ijs te dun was gaf een handbeschreven schoolbord bij het water aan dat het schaatsen ten strengste verboden was. Wee je gebeente als je je dan nog op het ijs waagde! Dan werd je Te Werve-kaart ingenomen! Voor zeker een hele week. Er gaat nog een siddering door Willem Smith - als jonge jongen vaste bezoeker van Te Werve en nu trouwe vrijwilliger - als ie daaraan terug denkt. Hij leerde in de winter van 1962/1963 schaatsen op het meer; achter een grote zware stoel om zich overeind te houden.


Oude Schaats

De bijzondere relatie tussen Te Werve en het schaatsen blijkt ook uit de vondst van een schaats, gemaakt van een paardenbot, een zogenaamde glisser, een "glijer". Die werd gevonden bij het graven van het meer in 1910. Toen dook ie op tussen het zand dat naar boven werd gehaald. De familie Labouchere heeft 'm goed bewaard. Later hebben zij de schaats geschonken aan Te Werve, die hem in bruikleen heeft overgedragen aan Museum Rijswijk. Daar is ie netjes opgeborgen. Volgens de Rijswijkse archeoloog is er ooit slechts één ouder voorwerp in Rijswijk gevonden. 
(Oh ja, het is maar een enkele schaats; mocht u ooit de andere vinden, dan meldt u zich toch wel?)

De glisser van Te Werve (foto: Museum Rijswijk) 

Schaatsen op de "mooiste IJsbaan van ‘s-Gravenhage en omstreken" (aldus Jan Eijken en Willem van der Ende in hun boek Het Meer van Te Werve. Honderd jaar water in De Put uit 2011) was natuurlijk pas mogelijk na 1910. Hele strenge winters waren er in 1929, 1946/47 en in 1962/63, minder koude in de jaren vijftig. Waarschijnlijk is in 1963 voor het laatst op het meer geschaatst. Tja.... komen die tijden ooit nog terug? 

MvL 22-1-19

maandag 21 januari 2019

TE WERVE'S HENK IN HET GOUD




Rijswijkse huis-aan-huisbladen hebben er al melding van gemaakt: onze vrijwilliger Henk Holtkamp heeft half januari de Actief Oud is Goud Award gekregen. Een prijs voor oudere vrijwilligers. Henk voldoet dubbel en dwars aan die voorwaarden: heel actief en mooi op leeftijd! Voor hem en zijn maten van de "Zaagploeg" is geen boom te groot om als dat nodig is het loodje te leggen. Maar ook voor andere klussen draait hij zijn hand niet om. Lees het verhaal van een gemotiveerde Rijswijker die Landgoed Te Werve al héél lang kent. Vroeger als kwajongen, nu als vaste vrijwilliger om ons fraaie landgoed in stand te houden

Alweer flink wat jaren is Henk Holtkamp - Rijswijker van geboorte én in hart en nieren - regelmatig te vinden op het landgoed. Met andere stoere makkers zorgt hij voor het snoeien en zo nodig omzagen van oude woudreuzen om te voorkomen dat ze ongewild naar beneden komen. De zaagploeg bestaat uit een man of zes, zeven die vaak op maandag (maar wel buiten het vogelbroedseizoen) aan de slag zijn. Met bomen of met andere grote klussen. Hun gemiddelde leeftijd van rond de 70 is geen indicatie van ouderdom maar van ongekend veel ervaring. Hoogwerkers en motorzagen van 80 cm zijn voor deze vrijwilligers wat een snoeischaar is voor de hobbyist die zijn tuin bijhoudt.


Héél wat anders dan wat Henk vroeger deed: opgeleid als timmerman op school en in de praktijk heeft hij vooral gewerkt als betonvlechter. Tal van bruggen, viaducten, het oude zwembad, het Lodewijk Makeblijde College en de Schipholtunnel staan op fundamenten waaraan Henk heeft meegewerkt. En dat 48 uur per week, begonnen met een loon van 8 gulden. Maar geen dag met tegenzin gewerkt. Typisch Henk: opgewekt, gemotiveerd, altijd aan de slag. Samenwerken met je maten.


"Kwam je vroeger ook al op Landgoed Te Werve", vraag ik. "Ja, als kwajongen, klommen we door het hek, hoopten we dat we gepakt werden door Jan Bange, de agent. Moest je in de zijspan mee naar het bureau. Totdat ze door hadden dat we dat juist leuk vonden. Toen moesten we vóór de motor uit lopen". 


"Wat raad je andere vrijwilligers aan om die Award te winnen? Hard werken en oud worden"? "Nou nee, oud worden is gewoon geluk hebben. Ik ben altijd gezond geweest. Heb wel eens in het ziekenhuis gelegen, maar dat was omdat ik met een brommer dwars door een auto wilde rijden. Dat ging niet". Zó doe je dat, die Actief Oud is Goud Award winnen!


donderdag 12 april 2018

Haviken in het voorjaarzonnetje op Langoed Te Werve

Het wordt echt WILD op Landgoed Te Werve!

Vorige week op één van de zonnige dagen op Landgoed Te Werve zijn deze mooie haviken gesignaleerd. Met dank aan Mike Peeters Photography.