woensdag 16 april 2014

Nachtleven op te Werve

Af en toe houden we ’s avonds op het landgoed Te Werve een vleermuizenwandeling, waarbij we van een deskundige uitleg krijgen over deze bijzondere nachtdieren. Dan lopen we met speciale toestemming in het donker op het landgoed rond. En we kunnen u verzekeren het kan er donker zijn. Toch is het er ’s avonds en ’s nachts geen dooie boel, verre van dat.
Op Te Werve is een bloeiend nachtleven dat hoorbaar en zichtbaar is. Als je een beetje geluk hebt hoor je de uilen krijsen, hoewel het geen prettig gehoor is. Je weet niet of het angst- of liefdeskreten zijn. De uil is eigenlijk geen typisch nachtdier, maar ja wat doe je als je maaltijd alleen ’s nachts rondloopt. Een maaltijd in de vorm van een bosmuis of een egel die beide wel typische nachtdieren zijn.
Er zijn meer dieren die ’s nachts actief zijn. Het zijn dieren die zich overdag verschuilen en pas tegen de schemering actief worden. Ze voelen zich in het donker veiliger en minder bespied. ’s Nachts gaan ze op zoek naar voedsel of naar een partner om zich mee voort te planten. Grotere dieren, zoals reeën verlaten ’s nachts het veilige bos om te gaan grazen op open velden. Muizen gaan ’s nachts op zoek naar insecten en zaden etc.
Eenden waren vroeger ook nachtdieren, maar omdat ze tegenwoordig vaak overdag gevoerd worden door de mens hebben ze hun bioritme van de nacht naar de dag verplaatst.
Ook veel kleine beestjes worden ’s nachts erg actief. Als de zon ondergaat daalt de temperatuur en worden grond en lucht vochtiger. Deze vochtige omgeving is ideaal voor beestjes die zich daarin thuis voelen zoals aardwormen, spinnen en andere kleine ongewervelden. En dat zijn allemaal weer lekkere voorgerechten voor andere dieren.
Ook vliegen er ’s nachts veel nachtvlinders rond. In vergelijking met de dagvlinder hebben ze een dikker lichaam en sterker behaarde vleugels om de warmte beter te kunnen vasthouden. Hun ogen zijn minder sterk ontwikkeld dan die van de dagvlinders, maar hun reukzin is erg sterk ontwikkeld. Ze beschikken over draadvormige voelsprieten, die van heel grote afstand geuren kunnen waarnemen.
Nachtvlinders hebben vaak een bescheiden kleur om overdag als ze rusten beter beschermd te zijn tegen belagers. Ze beschikken over een erg lange roltong en kunnen daarmee heel diep in bloemen doordringen om de nectar te bereiken.
Met al die middelen zijn ze goed uitgerust om ’s nachts planten te bezoeken met als doel om daar het lekkere zoete drankje weg te halen. En passant nemen ze dan nog wat stuifmeel mee, waarmee planten bestoven worden. Alles onder het motto: voor wat hoort wat. Als je zelf als plant niet van je plaats kunt komen moet je wel een list verzinnen.
De planten die de nachtvlinder hebben ingeschakeld bij de bestuiving geven daartoe het signaal door in de nachtelijke uren een heerlijke geur te verspreiden. Een goed voorbeeld daarvan is de kamperfoelie, die ook op het landgoed Te Werve voorkomt. Zelfs wij zouden ’s nachts met onze ogen dicht de kamperfoelieplant kunnen vinden.
Een ander voorbeeld van een nachtbloem is de teunisbloem die op het landgoed bij het koetshuis en op de vlinderweide (het voormalige 2e hockeyveld) te vinden is.

De teunisbloem draagt tegelijkertijd nieuwe en uitgebloeide bloemen.


Het opengaan van de teunisbloem is een wonder op zich. De bloem opent zich bij schemerdonker binnen twee minuten. Ineens klappen de groene blaadjes van de knop naar achteren, daarna gaan de gele bloemen zo snel open, dat je je ogen niet gelooft. Eenmaal open staat de bloem de hele nacht fluorescerend geel te pronken en lekkere geurtjes te verspreiden. De dag na de nacht hangen de bloemen erbij als volgesnoten zakdoekjes. De avond daarna gaan er weer andere bloemen open en dat gaat zo door van eind juni tot midden november.
Als u ons in de komende tijd bij het oude koetshuis of op de vlinderwei in het schemerdonker op een klapstoeltje ziet zitten, dan zitten wij te wachten op het opengaan van de teunisbloem.

We kunnen er niet genoeg van krijgen.


Weerspreuk:  Plonst en duikelt eend en gans, dan is er voor regen een kans.


Opblijven voor de teunisbloem
Joepie, ik mag wat later naar bed,
want vanavond is het teunisbloemenpret.
Die grappige plant bloeit alleen in de avond en nacht,
nu zit ik hier in mijn pyama en wacht ….
Ik kijk en ik kijk of er al iets gaat gebeuren,
een paar knoppen beginnen al geel te kleuren.
En dan opeens …. floep! doet de teunisbloem,
zie ik hem zijn eerste knopje opendoen!

          Overgenomen uit de publicatie:
            ‘Uitdagende kinderplanten’



 Bart Tent

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen